ReFacto AF

Actief ingrediënt: moroctocog alfa

Moroctocog alfa is een stollingsfactor (een middel dat het bloed doet stollen).

Artsen schrijven moroctocog alfa voor bij de bloedstollingsziekte (bloederziekte) hemofilie A.

  • Bloedstollingsziekten

    Moroctocog alfa wordt gebruikt bij hemofilie A, een aangeboren bloederziekte.

    Oorzaak
    In het bloed zitten stoffen die zorgen voor de bloedstolling na een verwonding. Dit heten stollingsfactoren. Bij een bloeding moet de stollingsfactor de bloedstolling in gang zetten.

    Bij hemofilie A is een tekort aan de stollingsfactor factor VIII. Daardoor komt de stolling bij bloedingen niet of te traag op gang.

    Verschijnselen
    Het duurt daardoor langer voordat bloedingen stoppen. U heeft ook geregeld spontane bloedingen in de gewrichten, spieren, nieren (bloed in de urine) of onder de huid (blauwe plekken en bloeduitstortingen).

    Behandeling
    Moroctocog alfa wordt gebruikt bij bloedingen die niet willen stoppen bij mensen met hemofilie A.

    In een enkel geval kan moroctocog alfa ook worden gebruikt om bloedingen te voorkomen. Bijvoorbeeld als u meer dan een keer per week een bloeding heeft, of als de bloeding steeds in hetzelfde gewricht optreedt. Zo kan blijvende gewrichtsschade worden voorkomen.

    Werking
    Moroctocog alfa lijkt op stollingsfactor VIII. Het wordt gemaakt door dierlijke cellen. Deze cellen zijn bewerkt, zodat ze een eiwit maken dat op de menselijke stollingsfactor VIII lijkt.

    Effect
    Moroctocog alfa zet de stolling in gang bij een eventuele bloeding. Bij sommige mensen ontstaan antistoffen tegen moroctocog alfa. Het werkt dan minder goed. Raadpleeg uw arts als u merkt dat de bloeding niet wil stoppen.

    Lees meer over bloedstollingsziekten . "
  • Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

    • Hoofdpijn en koorts.

    • Hoesten

    • Gewrichtspijn en zelden spierpijn.

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Branderig gevoel, roodheid en zwelling op de injectieplaats.

    • Misselijkheid, braken, buikpijn, diarree, verminderde eetlust , duizeligheid, koude rillingen en gevoel van zwakte.

    • Overgevoeligheid. Verschijnselen hiervan kunnen zijn huiduitslag, jeuk, galbulten, rode huid en zeer zelden blozen, misselijkheid, duizeligheid, flauwvallen, pijn op de borst, benauwdheid en een gevoel van onwel zijn.

      Stop bij deze verschijnselen met het gebruik en bel meteen uw arts. Soms mag u dit middel in de toekomst niet meer gebruiken. Geef daarom aan de apotheek door dat u overgevoelig bent voor dit middel. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit middel niet opnieuw krijgt.

    Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

    • Vreemde smaak in de mond.

    • Hartkloppingen of een snellere hartslag.

    • Zeer kleine kans op besmetting met een nog onbekend virus, bacterie of andere ziekteverwekker.

      De kans is heel klein, omdat de stollingsfactor en toevoegingen goed worden gecontroleerd op onzuiverheden. Zo vinden er standaard tests plaats op hiv, hepatitis en andere virussen.

    Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

    Uitleg frequenties

    Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
    Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
    Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
    Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

  • Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.

    Hoe?
    Als u heeft geleerd hoe u dit middel zelf moet toedienen:

    • maak de oplossing altijd vers aan;
    • om het poeder op te lossen, moet u het flesje voorzichtig omzwenken. Schud het flesje met de oplossing dus NIET; het kan dan onwerkzaam worden;
    • dien de injectie langzaam in een ader toe volgens de instructies van de arts of verpleegkundige.

    Hoe bewaren?
    Na mengen is de oplossing maximaal drie uur houdbaar. Bewaar het poeder en de oplosvloeistof in de koelkast, maar niet in het vriesvak.

    Hoe lang?

    • Bij een bloeding, zoals een bloeding in een gewricht: u moet doorgaan tot de bloeding is gestopt. Bij kleine tot middelgrote bloedingen is dat één tot vier dagen. Bij een bloeding in het gewricht tot de ergste verschijnselen over zijn.
    • Na kleine operaties, zoals trekken van tanden en kiezen: de behandeling duurt minimaal één dag na de operatie.
    • Bij grote operaties: de behandeling begint voorafgaand aan de operatie en gaat nog minstens een week na de operatie door.
    • Bij continu gebruik: gebruikt u dit middel voortdurend om bloedingen te voorkomen? U kunt doorgaan zolang het middel nog goed werkt en u het goed verdraagt.
  • Bent u een injectie vergeten? Gebruik deze dan zodra u eraan denkt. Neem de volgende injectie met de tussentijd die uw arts heeft voorgeschreven. Dus 12 uur later als u elke 12 uur een injectie moest. Of 2 dagen later als de arts tussenpozen van 2 dagen heeft voorgeschreven.

    Raadpleeg uw arts als u hiervan af wilt wijken.

  • autorijden, alcohol drinken en alles eten?
    Bij dit middel zijn hiervoor geen beperkingen.

  • Van dit middel zijn geen belangrijke wisselwerkingen met andere medicijnen bekend.

  • Zwangerschap
    Over het gebruik van dit middel tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend. Meld het in elk geval aan uw arts en apotheker zodra u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander middel voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

    Borstvoeding
    Gebruik dit middel niet als u borstvoeding geeft, of stop de borstvoeding. Het is niet bekend of dit middel in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk is voor de baby. Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander middel voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

  • Als u met dit middel stopt, heeft u opnieuw kans op bloedingen. In veel gevallen is het de bedoeling dat u dit middel maar kort gebruikt. In dat geval gebruikt u dit medicijn tot de bloeding is gestopt.

  • Moroctocog alfa is sinds 1999 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in injecties onder de merknaam ReFacto AF.

  • ReFacto AF ReFacto AF
  • Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

  • Bloedstollingsziekten

    Moroctocog alfa wordt gebruikt bij hemofilie A, een aangeboren bloederziekte.

    Oorzaak
    In het bloed zitten stoffen die zorgen voor de bloedstolling na een verwonding. Dit heten stollingsfactoren. Bij een bloeding moet de stollingsfactor de bloedstolling in gang zetten.

    Bij hemofilie A is een tekort aan de stollingsfactor factor VIII. Daardoor komt de stolling bij bloedingen niet of te traag op gang.

    Verschijnselen
    Het duurt daardoor langer voordat bloedingen stoppen. U heeft ook geregeld spontane bloedingen in de gewrichten, spieren, nieren (bloed in de urine) of onder de huid (blauwe plekken en bloeduitstortingen).

    Behandeling
    Moroctocog alfa wordt gebruikt bij bloedingen die niet willen stoppen bij mensen met hemofilie A.

    In een enkel geval kan moroctocog alfa ook worden gebruikt om bloedingen te voorkomen. Bijvoorbeeld als u meer dan een keer per week een bloeding heeft, of als de bloeding steeds in hetzelfde gewricht optreedt. Zo kan blijvende gewrichtsschade worden voorkomen.

    Werking
    Moroctocog alfa lijkt op stollingsfactor VIII. Het wordt gemaakt door dierlijke cellen. Deze cellen zijn bewerkt, zodat ze een eiwit maken dat op de menselijke stollingsfactor VIII lijkt.

    Effect
    Moroctocog alfa zet de stolling in gang bij een eventuele bloeding. Bij sommige mensen ontstaan antistoffen tegen moroctocog alfa. Het werkt dan minder goed. Raadpleeg uw arts als u merkt dat de bloeding niet wil stoppen.

    Lees meer over bloedstollingsziekten . "
  • Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

    • Hoofdpijn en koorts.

    • Hoesten

    • Gewrichtspijn en zelden spierpijn.

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Branderig gevoel, roodheid en zwelling op de injectieplaats.

    • Misselijkheid, braken, buikpijn, diarree, verminderde eetlust , duizeligheid, koude rillingen en gevoel van zwakte.

    • Overgevoeligheid. Verschijnselen hiervan kunnen zijn huiduitslag, jeuk, galbulten, rode huid en zeer zelden blozen, misselijkheid, duizeligheid, flauwvallen, pijn op de borst, benauwdheid en een gevoel van onwel zijn.

      Stop bij deze verschijnselen met het gebruik en bel meteen uw arts. Soms mag u dit middel in de toekomst niet meer gebruiken. Geef daarom aan de apotheek door dat u overgevoelig bent voor dit middel. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit middel niet opnieuw krijgt.

    Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

    • Vreemde smaak in de mond.

    • Hartkloppingen of een snellere hartslag.

    • Zeer kleine kans op besmetting met een nog onbekend virus, bacterie of andere ziekteverwekker.

      De kans is heel klein, omdat de stollingsfactor en toevoegingen goed worden gecontroleerd op onzuiverheden. Zo vinden er standaard tests plaats op hiv, hepatitis en andere virussen.

    Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

    Uitleg frequenties

    Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
    Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
    Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
    Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

  • Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.

    Hoe?
    Als u heeft geleerd hoe u dit middel zelf moet toedienen:

    • maak de oplossing altijd vers aan;
    • om het poeder op te lossen, moet u het flesje voorzichtig omzwenken. Schud het flesje met de oplossing dus NIET; het kan dan onwerkzaam worden;
    • dien de injectie langzaam in een ader toe volgens de instructies van de arts of verpleegkundige.

    Hoe bewaren?
    Na mengen is de oplossing maximaal drie uur houdbaar. Bewaar het poeder en de oplosvloeistof in de koelkast, maar niet in het vriesvak.

    Hoe lang?

    • Bij een bloeding, zoals een bloeding in een gewricht: u moet doorgaan tot de bloeding is gestopt. Bij kleine tot middelgrote bloedingen is dat één tot vier dagen. Bij een bloeding in het gewricht tot de ergste verschijnselen over zijn.
    • Na kleine operaties, zoals trekken van tanden en kiezen: de behandeling duurt minimaal één dag na de operatie.
    • Bij grote operaties: de behandeling begint voorafgaand aan de operatie en gaat nog minstens een week na de operatie door.
    • Bij continu gebruik: gebruikt u dit middel voortdurend om bloedingen te voorkomen? U kunt doorgaan zolang het middel nog goed werkt en u het goed verdraagt.
  • Bent u een injectie vergeten? Gebruik deze dan zodra u eraan denkt. Neem de volgende injectie met de tussentijd die uw arts heeft voorgeschreven. Dus 12 uur later als u elke 12 uur een injectie moest. Of 2 dagen later als de arts tussenpozen van 2 dagen heeft voorgeschreven.

    Raadpleeg uw arts als u hiervan af wilt wijken.

  • autorijden, alcohol drinken en alles eten?
    Bij dit middel zijn hiervoor geen beperkingen.

  • Van dit middel zijn geen belangrijke wisselwerkingen met andere medicijnen bekend.

  • Zwangerschap
    Over het gebruik van dit middel tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend. Meld het in elk geval aan uw arts en apotheker zodra u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander middel voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

    Borstvoeding
    Gebruik dit middel niet als u borstvoeding geeft, of stop de borstvoeding. Het is niet bekend of dit middel in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk is voor de baby. Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander middel voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

  • Als u met dit middel stopt, heeft u opnieuw kans op bloedingen. In veel gevallen is het de bedoeling dat u dit middel maar kort gebruikt. In dat geval gebruikt u dit medicijn tot de bloeding is gestopt.

  • Moroctocog alfa is sinds 1999 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in injecties onder de merknaam ReFacto AF.

  • ReFacto AF ReFacto AF
  • Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

Sluit de enquête