Cablivi

Actief ingrediënt: caplacizumab

Caplacizumab is een monoklonaal antilichaam. Dit is een doelgerichte stof. Het remt de vorming van bloedstolsels door bloedplaatjes.

Artsen schrijven het voor bij aTTP (verworven trombotische trombocytopenische purpura), een zeldzame ziekte van de bloedstolling.

    • Caplacizumab remt klontering van bloedplaatjes.
    • Bij de bloedstollingsziekte aTTP.
    • U krijgt dit medicijn de eerste keer als injectie in uw bloedvat in het ziekenhuis. Daarna krijgt u het als injecties onder de huid.
    • Bijwerkingen: bloedingen (zoals van het tandvlees en de neus), hoofdpijn, koorts en moe zijn.
    • Verder: ernstige bloedingen (zoals van de maag of darmen), reacties op de huid, spierpijn en benauwd zijn.
    • Bent u zwanger? Overleg met uw arts. Het is niet bekend of dit medicijn veilig is voor de baby in uw buik.
    • Geeft u borstvoeding? Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk komt en of het veilig is voor de baby.
  • Bloedstollingsziekten

    Bloedplaatjes klonteren samen als een bloedvat is beschadigd. Bijvoorbeeld na een snee. Hierdoor stopt het bloeden. Soms kunnen bloedplaatjes klonteren als dat niet nodig is. Dan ontstaat er een bloedklont die een bloedvat kan blokkeren. Daardoor krijgen de organen niet genoeg bloed en raken ze beschadigd.

    Oorzaak
    aTTP (verworven trombotische trombocytopenische purpura) is een zeldzame ziekte van uw afweer. Door aTTP ontstaan kleine bloedklontjes in uw bloedvaten. Uw afweer breekt een bepaald enzym af, waardoor bloedplaatjes samen gaan klonteren. Dit enzym zorgt er normaal voor dat uw bloed niet samenklontert.

    Het is niet bekend hoe aTTP ontstaat.

    Verschijnselen
    Door aTTP kunt u sneller gaan bloeden. Dat komt omdat er minder bloedplaatjes zijn doordat deze onterecht klonteren. Als er dan wél een wondje is, stolt het bloed niet genoeg. Deze bloedingen zorgen voor paarse puntjes of kneuzingen onder de huid (purpura).

    U kunt verder bleek zijn of zich moe voelen. Ook kunt u moeilijk ademen, koorts hebben, in de war zijn en last hebben van hoofdpijn of een snelle hartslag. Dit komt door de klontvorming.

    Werking
    Caplacizumab grijpt aan op een bepaald eiwit dat een rol speelt bij de bloedstolling. Door dit eiwit te blokkeren, remt caplacizumab de vorming van bloedklonten.

    U krijgt caplacizumab samen met plasma en medicijnen die uw afweer remmen. U krijgt deze behandeling totdat het enzym dat uw bloedstolling regelt, weer goed op peil is. Nadat u stopt met plasma uitwisselen blijft u dit medicijn nog een tijd gebruiken.

    Lees meer over bloedstollingsziekten . "
  • Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

    • Bloedingen, zoals neusbloedingen en bloedingen van het tandvlees. Zelden ernstige bloedingen.

      Zelden bloedingen van het oog, in de longen, maag, darmen of in het hoofd. U kunt daarbij last krijgen van minder goed zien, pijn, overgeven, in de war zijn, nekklachten en epileptische aanvallen. Raadpleeg dan meteen uw arts.
      Verder kunt u last krijgen van blauwe plekken, bloed in de plas of uit de vagina of anus (poepgat). Raadpleeg uw arts als u merkt dat u bloedingen heeft.

    • Galbulten

    • Hoofdpijn, moe zijn, koorts

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Reacties op de plek van de injectie. Zoals jeuk of huiduitslag.

    • Benauwd gevoel

    • Spierpijn

    • Beroerte

      Dit merkt u opeens. Bijvoorbeeld door verlammingen in het gezicht (zoals een scheve mond), verward spreken en denken, verlammingen aan arm of been, dingen minder goed zien en tintelingen. Waarschuw meteen een arts.

    Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

    Uitleg frequenties

    Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
    Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
    Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
    Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

  • Hoe?
    De eerste keer krijgt u dit medicijn via een injectie in uw bloedvat door uw arts of verpleegkundige. Daarna krijgt u het via een injectie onder de huid van uw buik

    Mogelijk leert uw arts of verpleegkundige u hoe u de injectie onder uw huid zelf kunt zetten.

    Zelf injecteren

    • Kijk voor de juiste dosering altijd op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.
    • Lees de gebruikshandleiding in de verpakking goed door
    • Van de arts of verpleegkundige van het ziekenhuis krijgt u een uitgebreide uitleg. Vraag om extra uitleg als u nog vragen heeft over hoe u zelf moet injecteren onder uw huid. Injecteer niet rondom uw navel.
    • Bewaar dit medicijn in de koelkast (niet in het vriesvak). Breng het medicijn eerst op kamertemperatuur voordat u het gebruikt.
    • Bewaar het in de originele verpakking. Zo is het beschermd tegen licht.
    • U mag dit medicijn ook bij kamertemperatuur bewaren (onder de 25 °C). Maar niet langer dan 2 maanden.

    Wanneer?
    U krijgt dit medicijn 1 keer per dag. De injectie in uw bloedvat krijgt u voor u begint met het uitwisselen van plasma. De injecties onder uw huid krijgt u elke dag nadat u plasma heeft uitgewisseld. Als u geen plasma meer uitwisselt gebruikt u dit medicijn ook 1 keer per dag.

    Hoelang?
    U krijgt dit medicijn zolang u wordt behandeld voor aTTP. Als u stopt met het uitwisselen van plasma, gebruikt u caplacizumab nog 30 dagen. Uw arts kan ook ervoor kiezen om dit medicijn langer te geven.

  • Krijgt u dit medicijn van uw arts of verpleegkundige in het ziekenhuis? En bent u de afspraak vergeten? Neem dan zo snel mogelijk contact op.

    Spuit u dit medicijn zelf? U kunt een vergeten dosis binnen 12 uur inhalen. Daarna niet meer. Injecteer NIET 2 keer op een dag om een vergeten dosis in te halen.

  • Ja, dat kan. U mag autorijden, en u mag eten en drinken zoals u normaal doet.

  • Er zijn van dit medicijn geen belangrijke wisselwerkingen met andere medicijnen bekend.

    Het is belangrijk dat uw arts weet welke medicijnen u nog meer gebruikt. Neem daarom uw medicatieoverzicht mee als u naar het ziekenhuis gaat. Dit is een overzicht waarop staat welke medicijnen u gebruikt, maar ook of u bijvoorbeeld allergisch bent voor bepaalde medicijnen. U kunt dit overzicht bij uw eigen apotheek opvragen. Krijgt u in het ziekenhuis nieuwe medicijnen, of verandert er iets aan uw medicijngebruik? Geef dit dan ook weer door aan uw eigen apotheek. Dan blijft uw medicatieoverzicht actueel.

  • Zwangerschap
    Bent u zwanger of wilt u zwanger worden? Overleg dan met uw arts. Er is nog te weinig bekend over dit medicijn tijdens de zwangerschap.

    Borstvoeding
    Wilt u borstvoeding geven? Overleg dan met uw arts. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk is voor de baby.

  • Stop niet zomaar met het gebruik van dit medicijn. Als u stopt kan het aantal bloedplaatjes weer dalen. U heeft dan meer kans op bloedingen. Overleg eerst met uw arts, als u wilt stoppen.

  • Caplacizumab is sinds 2019 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in injecties onder de merknaam Cablivi.

  • Cablivi

    Cablivi
  • Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

    • Caplacizumab remt klontering van bloedplaatjes.
    • Bij de bloedstollingsziekte aTTP.
    • U krijgt dit medicijn de eerste keer als injectie in uw bloedvat in het ziekenhuis. Daarna krijgt u het als injecties onder de huid.
    • Bijwerkingen: bloedingen (zoals van het tandvlees en de neus), hoofdpijn, koorts en moe zijn.
    • Verder: ernstige bloedingen (zoals van de maag of darmen), reacties op de huid, spierpijn en benauwd zijn.
    • Bent u zwanger? Overleg met uw arts. Het is niet bekend of dit medicijn veilig is voor de baby in uw buik.
    • Geeft u borstvoeding? Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk komt en of het veilig is voor de baby.
  • Bloedstollingsziekten

    Bloedplaatjes klonteren samen als een bloedvat is beschadigd. Bijvoorbeeld na een snee. Hierdoor stopt het bloeden. Soms kunnen bloedplaatjes klonteren als dat niet nodig is. Dan ontstaat er een bloedklont die een bloedvat kan blokkeren. Daardoor krijgen de organen niet genoeg bloed en raken ze beschadigd.

    Oorzaak
    aTTP (verworven trombotische trombocytopenische purpura) is een zeldzame ziekte van uw afweer. Door aTTP ontstaan kleine bloedklontjes in uw bloedvaten. Uw afweer breekt een bepaald enzym af, waardoor bloedplaatjes samen gaan klonteren. Dit enzym zorgt er normaal voor dat uw bloed niet samenklontert.

    Het is niet bekend hoe aTTP ontstaat.

    Verschijnselen
    Door aTTP kunt u sneller gaan bloeden. Dat komt omdat er minder bloedplaatjes zijn doordat deze onterecht klonteren. Als er dan wél een wondje is, stolt het bloed niet genoeg. Deze bloedingen zorgen voor paarse puntjes of kneuzingen onder de huid (purpura).

    U kunt verder bleek zijn of zich moe voelen. Ook kunt u moeilijk ademen, koorts hebben, in de war zijn en last hebben van hoofdpijn of een snelle hartslag. Dit komt door de klontvorming.

    Werking
    Caplacizumab grijpt aan op een bepaald eiwit dat een rol speelt bij de bloedstolling. Door dit eiwit te blokkeren, remt caplacizumab de vorming van bloedklonten.

    U krijgt caplacizumab samen met plasma en medicijnen die uw afweer remmen. U krijgt deze behandeling totdat het enzym dat uw bloedstolling regelt, weer goed op peil is. Nadat u stopt met plasma uitwisselen blijft u dit medicijn nog een tijd gebruiken.

    Lees meer over bloedstollingsziekten . "
  • Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

    • Bloedingen, zoals neusbloedingen en bloedingen van het tandvlees. Zelden ernstige bloedingen.

      Zelden bloedingen van het oog, in de longen, maag, darmen of in het hoofd. U kunt daarbij last krijgen van minder goed zien, pijn, overgeven, in de war zijn, nekklachten en epileptische aanvallen. Raadpleeg dan meteen uw arts.
      Verder kunt u last krijgen van blauwe plekken, bloed in de plas of uit de vagina of anus (poepgat). Raadpleeg uw arts als u merkt dat u bloedingen heeft.

    • Galbulten

    • Hoofdpijn, moe zijn, koorts

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Reacties op de plek van de injectie. Zoals jeuk of huiduitslag.

    • Benauwd gevoel

    • Spierpijn

    • Beroerte

      Dit merkt u opeens. Bijvoorbeeld door verlammingen in het gezicht (zoals een scheve mond), verward spreken en denken, verlammingen aan arm of been, dingen minder goed zien en tintelingen. Waarschuw meteen een arts.

    Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

    Uitleg frequenties

    Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
    Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
    Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
    Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

  • Hoe?
    De eerste keer krijgt u dit medicijn via een injectie in uw bloedvat door uw arts of verpleegkundige. Daarna krijgt u het via een injectie onder de huid van uw buik

    Mogelijk leert uw arts of verpleegkundige u hoe u de injectie onder uw huid zelf kunt zetten.

    Zelf injecteren

    • Kijk voor de juiste dosering altijd op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.
    • Lees de gebruikshandleiding in de verpakking goed door
    • Van de arts of verpleegkundige van het ziekenhuis krijgt u een uitgebreide uitleg. Vraag om extra uitleg als u nog vragen heeft over hoe u zelf moet injecteren onder uw huid. Injecteer niet rondom uw navel.
    • Bewaar dit medicijn in de koelkast (niet in het vriesvak). Breng het medicijn eerst op kamertemperatuur voordat u het gebruikt.
    • Bewaar het in de originele verpakking. Zo is het beschermd tegen licht.
    • U mag dit medicijn ook bij kamertemperatuur bewaren (onder de 25 °C). Maar niet langer dan 2 maanden.

    Wanneer?
    U krijgt dit medicijn 1 keer per dag. De injectie in uw bloedvat krijgt u voor u begint met het uitwisselen van plasma. De injecties onder uw huid krijgt u elke dag nadat u plasma heeft uitgewisseld. Als u geen plasma meer uitwisselt gebruikt u dit medicijn ook 1 keer per dag.

    Hoelang?
    U krijgt dit medicijn zolang u wordt behandeld voor aTTP. Als u stopt met het uitwisselen van plasma, gebruikt u caplacizumab nog 30 dagen. Uw arts kan ook ervoor kiezen om dit medicijn langer te geven.

  • Krijgt u dit medicijn van uw arts of verpleegkundige in het ziekenhuis? En bent u de afspraak vergeten? Neem dan zo snel mogelijk contact op.

    Spuit u dit medicijn zelf? U kunt een vergeten dosis binnen 12 uur inhalen. Daarna niet meer. Injecteer NIET 2 keer op een dag om een vergeten dosis in te halen.

  • Ja, dat kan. U mag autorijden, en u mag eten en drinken zoals u normaal doet.

  • Er zijn van dit medicijn geen belangrijke wisselwerkingen met andere medicijnen bekend.

    Het is belangrijk dat uw arts weet welke medicijnen u nog meer gebruikt. Neem daarom uw medicatieoverzicht mee als u naar het ziekenhuis gaat. Dit is een overzicht waarop staat welke medicijnen u gebruikt, maar ook of u bijvoorbeeld allergisch bent voor bepaalde medicijnen. U kunt dit overzicht bij uw eigen apotheek opvragen. Krijgt u in het ziekenhuis nieuwe medicijnen, of verandert er iets aan uw medicijngebruik? Geef dit dan ook weer door aan uw eigen apotheek. Dan blijft uw medicatieoverzicht actueel.

  • Zwangerschap
    Bent u zwanger of wilt u zwanger worden? Overleg dan met uw arts. Er is nog te weinig bekend over dit medicijn tijdens de zwangerschap.

    Borstvoeding
    Wilt u borstvoeding geven? Overleg dan met uw arts. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk is voor de baby.

  • Stop niet zomaar met het gebruik van dit medicijn. Als u stopt kan het aantal bloedplaatjes weer dalen. U heeft dan meer kans op bloedingen. Overleg eerst met uw arts, als u wilt stoppen.

  • Caplacizumab is sinds 2019 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in injecties onder de merknaam Cablivi.

  • Cablivi

    Cablivi
  • Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

Sluit de enquête