Pentacarinat

Actief ingrediënt: pentamidine

Pentamidine remt de groei van bepaalde schimmels.

Artsen schrijven het voor bij longontsteking door de pneumocystis-schimmel die kan ontstaan bij hiv of aids.

Artsen schrijven het soms ook voor:

  • bij een longontsteking bij patiënten die geen hiv of aids hebben
  • bij een longontsteking bij kinderen
  • om een longontsteking te voorkomen bij kinderen met kanker.
    • Pentamidine remt de groei van bepaalde schimmels.
    • Bij longontsteking door de pneumocystis-schimmel. Ook uit voorzorg bij mensen met een verminderde afweer om deze longontsteking te voorkomen.
    • U kunt pentamidine via een infuus of als een injectie in het ziekenhuis krijgen. U kunt het ook als vernevelvloeistof krijgen om het zelf toe te dienen.
    • Maak de hele kuur af. Als u eerder stopt, bestaat de kans dat niet alle schimmels zijn verdwenen.
    • U kunt een te hoog of een te laag bloedsuiker krijgen door dit medicijn. Ook kunt u bloedafwijkingen krijgen. Uw arts zal uw bloed en suiker regelmatig controleren.
    • Bent u zwanger? Of wilt u zwanger worden? Vraag aan uw arts of apotheker of u dit medicijn mag gebruiken.
    • Geeft u borstvoeding? Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk komt en of het veilig is voor de baby. Overleg met uw arts of apotheker.
  • Hiv

    Mensen die besmet zijn met hiv (virus dat aids veroorzaakt) kunnen een verminderde afweer hebben. Hierdoor hebben zij meer kans op ernstige infecties door sommige ziekteverwekkers. Bijvoorbeeld een longontsteking door pneumocystis-schimmels.

    Kijk voor meer informatie bij Longontsteking.
     

    Lees meer over hiv . "

    Longontsteking

    Pentamidine wordt gebruikt bij een longontsteking door een bepaalde schimmel, namelijk Pneumocystis. Deze longontsteking komt bijna alleen voor bij mensen met een erg verminderde weerstand, zoals bij mensen met hiv of kanker.

    Verschijnselen
    Bij mensen met een verminderde afweer kan de pneumocystis-schimmel een ernstige longontsteking veroorzaken. U voelt zich dan flink ziek, heeft koorts en moet vaak hoesten. Het ademen kan pijnlijk zijn en vaak bent u benauwd.

    Behandeling
    Artsen schrijven pentamidine voor bij de behandeling van een pneumocystis-longontsteking als u cotrimoxazol (antibioticum) niet mag gebruiken of als dit niet goed heeft gewerkt. Soms schrijven artsen pentamidine ook voor om deze longontsteking te voorkomen.
     

    Lees meer over longontsteking . "
  • Na inhalatie:

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Hoesten, benauwdheid en piepend ademhalen

      Als u rookt of astma heeft dan is de kans groter dat u hier last van krijgt. Heeft u hier last van? Raadpleeg uw arts. Uw arts kan mogelijk een extra medicijn voorschrijven om deze klachten te verminderen.

    • Misselijk zijn en veranderde smaak.

    • Diabetes. U kunt diabetes krijgen na het stoppen van dit medicijn. Uw arts zal regelmatig uw bloedglucose controleren. Ook nadat u bent gestopt met dit medicijn. Heeft u diabetes mellitus type 2 en gebruikt u dit medicijn? Controleer extra uw bloedglucose. 

      Let op klachten van te veel of te weinig glucose in uw bloed. U kunt in het begin last krijgen van een erge daling van uw bloedglucose. Daarna kunt u een toename van uw bloedglucose krijgen. Waarschuw dan uw arts. Als u dit medicijn gebruikt zal uw arts ook regelmatig uw bloedglucose controleren. De arts zal dit ook doen nadat u bent gestopt met dit medicijn.

    Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

    • Een bepaalde vorm van een longontsteking. Waarschuw uw arts bij kortademigheid, ernstig hoesten, of andere problemen met ademen. 

    • Klaplong. Dat betekent dat er lucht is gekomen tussen de long en de borst. Dit merkt u aan plotselinge pijn op de borst, kortademigheid en benauwdheid. Raadpleeg bij deze verschijnselen direct een arts.

    • Ontsteking van uw alvleesklier. Bij plotselinge hevige pijn in de bovenbuik moet u direct uw arts waarschuwen.

    • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U merkt dat aan huiduitslag, galbulten of jeuk. Raadpleeg dan uw arts.

      • In zeer zeldzame gevallen ontstaat een ernstige overgevoeligheid. Dit is te merken aan: koorts, ernstige benauwdheid, opgezwollen mond, tong, keel of gezicht, huiduitslag, ademhalingsproblemen, flauwvallen, blaren op de lippen en op de slijmvliezen van de mond en geslachtsdelen. Stop in deze gevallen met dit medicijn en waarschuw meteen een arts of ga naar de Eerstehulpdienst. 
      • Als u overgevoelig bent, mag u dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef dat door aan de apotheker. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn niet opnieuw krijgt.
    • Huiduitslag

    • Verminderde eetlust

    • Moe zijn

    • Koorts

    • Te weinig glucose in uw bloed. Dit merkt u aan zweten, trillen en hartkloppingen.

    • Licht gevoel in het hoofd.

    • Verlaagde bloeddruk. U kunt last hebben van duizelig zijn, licht gevoel in uw hoofd en flauwvallen.

    • Tragere hartslag.

    Na een infuus of injectie in de spieren:

    Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

    • Bloedplassen. U merkt dan dat er bloed in uw plas is.

    • Pijn, verharding van de huid, vorming van holtes met pus in de huid en afsterven van spierweefsel op de plaats van injectie of infuus.

    • De nierwerking gaat plotseling achteruit. Dit merkt u aan minder plassen en donkere urine, hoofdpijn en misselijk zijn, vochtophoping zoals dikke enkels, handen of een dik gezicht. Waarschuw uw arts als u hier last van heeft. Uw arts zal regelmatig uw nierfunctie controleren.

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Te weinig witte en rode bloedcellen en bloedplaatjes in uw bloed. U kunt last krijgen van erg moe zijn, een bleke huid, koorts, grieperig gevoel, keelpijn, huidinfecties en blaren in de mond, bloedneuzen of blauwe plekken. Uw arts zal regelmatig uw bloed controleren. 

      • Door te weinig witte bloedcellen heeft u een verminderde lichaamseigen afweer. U merkt dit aan vaker infecties, zoals verkoudheid, longontsteking, blaasontsteking of huidinfecties. Of aan keelpijn, koorts en blaren in de mond. Krijgt u koorts of verschijnselen van een infectie, zoals benauwdheid, kortademigheid en hoesten? Raadpleeg dan altijd meteen uw arts.
      • Te weinig rode bloedcellen merkt u aan extreme vermoeidheid en een bleke huid.
      • Te weinig bloedplaatjes merkt u aan bloedingen, zoals bloedneuzen, kleine rode vlekjes in de huid, snel blauwe plekken en bloed in de plas.
         
    • Te veel of te weinig glucose in uw bloed. Te weinig glucose in uw bloed merkt u aan zweten, trillen en hartkloppingen. Te veel glucose in uw bloed merkt u aan veel dorst, veel moeten plassen en moe voelen.

    • Diabetes. U kunt diabetes krijgen na het stoppen van dit medicijn. Uw arts zal regelmatig uw bloedglucose controleren. Ook nadat u bent gestopt met dit medicijn. Heeft u diabetes mellitus type 2 en gebruikt u dit medicijn? Controleer extra uw bloedglucose. 

      Let op klachten van te veel of te weinig glucose in uw bloed. U kunt in het begin last krijgen van een erge daling van uw bloedglucose. Daarna kunt u een toename van uw bloedglucose krijgen. Waarschuw dan uw arts. Als u dit medicijn gebruikt zal uw arts ook regelmatig uw bloedglucose controleren. De arts zal dit ook doen nadat u bent gestopt met dit medicijn.

    • Blozen

    • Duizelig zijn en flauwvallen.

      Om dit te voorkomen moet u liggen wanneer u een infuus of injectie in de spieren krijgt.  

    • Verlaagde bloeddruk. U kunt last hebben van duizelig zijn, licht gevoel in uw hoofd en flauwvallen.  

      Om dit te voorkomen moet u liggen wanneer u een infuus of injectie in de spieren krijgt.  

    • Misselijk zijn, braken en veranderde smaak.

    • Huiduitslag

    Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

    • Een hoger risico op hartritmestoornissen. U kunt last krijgen van plotselinge duizelingen of even buiten bewustzijn raken. Dit is vooral van belang voor ouderen en mensen met een bepaalde hartritmestoornis, namelijk het aangeboren of verworven verlengde QT-interval. Gebruik dit middel NIET als u deze hartritmestoornis heeft.

      Overleg met uw arts. Mogelijk kunt u een ander medicijn gebruiken. Indien u het medicijn toch moet gebruiken zal de arts u extra controleren.

    • Ontsteking van uw alvleesklier. Bij plotselinge hevige pijn in de bovenbuik moet u direct uw arts waarschuwen.

    • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U merkt dat aan huiduitslag, galbulten of jeuk. Raadpleeg dan uw arts.

      • In zeer zeldzame gevallen ontstaat een ernstige overgevoeligheid. Dit is te merken aan: koorts, ernstige benauwdheid, opgezwollen mond, tong, keel of gezicht, huiduitslag, ademhalingsproblemen, flauwvallen, blaren op de lippen en op de slijmvliezen van de mond en geslachtsdelen. Stop in deze gevallen met dit medicijn en waarschuw meteen een arts of ga naar de Eerstehulpdienst. 
      • Als u overgevoelig bent, mag u dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef dat door aan de apotheker. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn niet opnieuw krijgt.
    • Tintelingen van de armen en benen.

    • Verminderd gevoel van de mond of gezicht.

    • Verder kan na injectie in de spieren afbraak van het spierweefsel ontstaan. U kunt dan last krijgen van spierkramp, koorts en een roodbruine kleur van uw plas.

    Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

    Uitleg frequenties

    Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
    Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
    Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
    Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

  • Hoe?

    Vernevelvloeistof
    U moet dit medicijn inhaleren met een vernevelaar. Van de arts of verpleegkundige van het ziekenhuis krijgt u een uitgebreide instructie. Hieronder volgt een aantal aandachtspunten.

    • De vernevelaar kan gemakkelijk vervuilen met ziekteverwekkers. Het is daarom belangrijk hem dagelijks schoon te maken.
    • Vraag om een extra uitleg als u nog vragen heeft over hoe u het apparaat moet gebruiken of schoonmaken. Het gebruik van een vernevelapparaat is niet eenvoudig.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    U krijgt dit medicijn via een infuus of via een injectie in uw spieren. Dit medicijn wordt in het ziekenhuis gegeven door een gespecialiseerde verpleegkundige of arts.

    Wanneer?

    Vernevelvloeistof
    U inhaleert dit medicijn 1 keer per maand of 1 keer per 2 weken.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    Wanneer u dit medicijn toegediend krijgt, bepaalt uw arts. Het hangt af van uw ziekte. Vaak wordt het elke dag toegediend.

    Hoe lang?

    Vernevelvloeistof
    Hoe lang u dit medicijn moet gebruiken, bepaalt uw arts.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    U krijgt dit medicijn vaak 14 tot 21 dagen lang achter elkaar.

  • Vernevelvloeistof
    Bent u een dosis vergeten? Overleg met uw arts of apotheker of u de vergeten dosis alsnog moet inhaleren. Gebruik nooit een dubbele hoeveelheid om een vergeten dosis in te halen.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    U krijgt een infuus of injectie in de spieren in het ziekenhuis toegediend. Waarschuw uw arts of verpleegkundige als u denkt dat zij vergeten zijn u een dosis te geven.

  • Autorijden, alcohol drinken en alles eten?
    Ja, dat kan. U mag autorijden, en u mag eten en drinken zoals u normaal doet.

  • Dit middel heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

    De belangrijkste wisselwerkingen met dit medicijn zijn de volgende.

    • Medicijnen met een verhoogd risico op hartritmestoornissen. Bij combinatie met pentamidine kan een ernstige hartritmestoornis ontstaan. Vooral bij vrouwen of bij mensen die ouder dan 70 jaar zijn of al een hartaandoening hebben. Overleg hierover met uw arts of apotheker. Mogelijk controleert de arts uw hart met een hartfilmpje. Of schrijft hij een ander medicijn voor. U merkt een hartritmestoornis aan plotselinge duizelingen of kortdurend buiten bewustzijn raken. Neem direct contact op met uw arts als u dit merkt.

    Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

  • Zwangerschap
    Over het gebruik van dit medicijn tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend. Meld het aan uw arts en apotheker zodra u zwanger bent, of binnenkort wilt worden. Zo mogelijk kunt u (tijdelijk) overstappen op een ander medicijn.

    Borstvoeding
    Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk voor de baby is. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander medicijn voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

  • Nieren
    Werken uw nieren minder goed? Overleg dan met uw apotheker. Het kan zijn dat de dosering van uw medicijn aangepast moet worden.

    Lever
    Het is niet bekend of mensen met levercirrose (ernstige leverziekte) dit medicijn veilig kunnen gebruiken. Overleg met uw arts als u levercirrose heeft.

  • Stop alleen als u de kuur heeft afgemaakt. Als u eerder stopt, bestaat de kans dat niet alle schimmels zijn verdwenen en dat de infectie blijft bestaan.

    Als u allergische reacties of ernstige bijwerkingen krijgt, moet u wel stoppen. Neem in dat geval direct contact op met uw arts.

  • Pentamidine is sinds 1939 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in een infuus, als injectie of als vernevelvloeistof onder de merknaam Pentacarinat.

  • Pentacarinat Pentacarinat
  • Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

    • Pentamidine remt de groei van bepaalde schimmels.
    • Bij longontsteking door de pneumocystis-schimmel. Ook uit voorzorg bij mensen met een verminderde afweer om deze longontsteking te voorkomen.
    • U kunt pentamidine via een infuus of als een injectie in het ziekenhuis krijgen. U kunt het ook als vernevelvloeistof krijgen om het zelf toe te dienen.
    • Maak de hele kuur af. Als u eerder stopt, bestaat de kans dat niet alle schimmels zijn verdwenen.
    • U kunt een te hoog of een te laag bloedsuiker krijgen door dit medicijn. Ook kunt u bloedafwijkingen krijgen. Uw arts zal uw bloed en suiker regelmatig controleren.
    • Bent u zwanger? Of wilt u zwanger worden? Vraag aan uw arts of apotheker of u dit medicijn mag gebruiken.
    • Geeft u borstvoeding? Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk komt en of het veilig is voor de baby. Overleg met uw arts of apotheker.
  • Hiv

    Mensen die besmet zijn met hiv (virus dat aids veroorzaakt) kunnen een verminderde afweer hebben. Hierdoor hebben zij meer kans op ernstige infecties door sommige ziekteverwekkers. Bijvoorbeeld een longontsteking door pneumocystis-schimmels.

    Kijk voor meer informatie bij Longontsteking.
     

    Lees meer over hiv . "

    Longontsteking

    Pentamidine wordt gebruikt bij een longontsteking door een bepaalde schimmel, namelijk Pneumocystis. Deze longontsteking komt bijna alleen voor bij mensen met een erg verminderde weerstand, zoals bij mensen met hiv of kanker.

    Verschijnselen
    Bij mensen met een verminderde afweer kan de pneumocystis-schimmel een ernstige longontsteking veroorzaken. U voelt zich dan flink ziek, heeft koorts en moet vaak hoesten. Het ademen kan pijnlijk zijn en vaak bent u benauwd.

    Behandeling
    Artsen schrijven pentamidine voor bij de behandeling van een pneumocystis-longontsteking als u cotrimoxazol (antibioticum) niet mag gebruiken of als dit niet goed heeft gewerkt. Soms schrijven artsen pentamidine ook voor om deze longontsteking te voorkomen.
     

    Lees meer over longontsteking . "
  • Na inhalatie:

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Hoesten, benauwdheid en piepend ademhalen

      Als u rookt of astma heeft dan is de kans groter dat u hier last van krijgt. Heeft u hier last van? Raadpleeg uw arts. Uw arts kan mogelijk een extra medicijn voorschrijven om deze klachten te verminderen.

    • Misselijk zijn en veranderde smaak.

    • Diabetes. U kunt diabetes krijgen na het stoppen van dit medicijn. Uw arts zal regelmatig uw bloedglucose controleren. Ook nadat u bent gestopt met dit medicijn. Heeft u diabetes mellitus type 2 en gebruikt u dit medicijn? Controleer extra uw bloedglucose. 

      Let op klachten van te veel of te weinig glucose in uw bloed. U kunt in het begin last krijgen van een erge daling van uw bloedglucose. Daarna kunt u een toename van uw bloedglucose krijgen. Waarschuw dan uw arts. Als u dit medicijn gebruikt zal uw arts ook regelmatig uw bloedglucose controleren. De arts zal dit ook doen nadat u bent gestopt met dit medicijn.

    Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

    • Een bepaalde vorm van een longontsteking. Waarschuw uw arts bij kortademigheid, ernstig hoesten, of andere problemen met ademen. 

    • Klaplong. Dat betekent dat er lucht is gekomen tussen de long en de borst. Dit merkt u aan plotselinge pijn op de borst, kortademigheid en benauwdheid. Raadpleeg bij deze verschijnselen direct een arts.

    • Ontsteking van uw alvleesklier. Bij plotselinge hevige pijn in de bovenbuik moet u direct uw arts waarschuwen.

    • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U merkt dat aan huiduitslag, galbulten of jeuk. Raadpleeg dan uw arts.

      • In zeer zeldzame gevallen ontstaat een ernstige overgevoeligheid. Dit is te merken aan: koorts, ernstige benauwdheid, opgezwollen mond, tong, keel of gezicht, huiduitslag, ademhalingsproblemen, flauwvallen, blaren op de lippen en op de slijmvliezen van de mond en geslachtsdelen. Stop in deze gevallen met dit medicijn en waarschuw meteen een arts of ga naar de Eerstehulpdienst. 
      • Als u overgevoelig bent, mag u dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef dat door aan de apotheker. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn niet opnieuw krijgt.
    • Huiduitslag

    • Verminderde eetlust

    • Moe zijn

    • Koorts

    • Te weinig glucose in uw bloed. Dit merkt u aan zweten, trillen en hartkloppingen.

    • Licht gevoel in het hoofd.

    • Verlaagde bloeddruk. U kunt last hebben van duizelig zijn, licht gevoel in uw hoofd en flauwvallen.

    • Tragere hartslag.

    Na een infuus of injectie in de spieren:

    Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

    • Bloedplassen. U merkt dan dat er bloed in uw plas is.

    • Pijn, verharding van de huid, vorming van holtes met pus in de huid en afsterven van spierweefsel op de plaats van injectie of infuus.

    • De nierwerking gaat plotseling achteruit. Dit merkt u aan minder plassen en donkere urine, hoofdpijn en misselijk zijn, vochtophoping zoals dikke enkels, handen of een dik gezicht. Waarschuw uw arts als u hier last van heeft. Uw arts zal regelmatig uw nierfunctie controleren.

    Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

    • Te weinig witte en rode bloedcellen en bloedplaatjes in uw bloed. U kunt last krijgen van erg moe zijn, een bleke huid, koorts, grieperig gevoel, keelpijn, huidinfecties en blaren in de mond, bloedneuzen of blauwe plekken. Uw arts zal regelmatig uw bloed controleren. 

      • Door te weinig witte bloedcellen heeft u een verminderde lichaamseigen afweer. U merkt dit aan vaker infecties, zoals verkoudheid, longontsteking, blaasontsteking of huidinfecties. Of aan keelpijn, koorts en blaren in de mond. Krijgt u koorts of verschijnselen van een infectie, zoals benauwdheid, kortademigheid en hoesten? Raadpleeg dan altijd meteen uw arts.
      • Te weinig rode bloedcellen merkt u aan extreme vermoeidheid en een bleke huid.
      • Te weinig bloedplaatjes merkt u aan bloedingen, zoals bloedneuzen, kleine rode vlekjes in de huid, snel blauwe plekken en bloed in de plas.
         
    • Te veel of te weinig glucose in uw bloed. Te weinig glucose in uw bloed merkt u aan zweten, trillen en hartkloppingen. Te veel glucose in uw bloed merkt u aan veel dorst, veel moeten plassen en moe voelen.

    • Diabetes. U kunt diabetes krijgen na het stoppen van dit medicijn. Uw arts zal regelmatig uw bloedglucose controleren. Ook nadat u bent gestopt met dit medicijn. Heeft u diabetes mellitus type 2 en gebruikt u dit medicijn? Controleer extra uw bloedglucose. 

      Let op klachten van te veel of te weinig glucose in uw bloed. U kunt in het begin last krijgen van een erge daling van uw bloedglucose. Daarna kunt u een toename van uw bloedglucose krijgen. Waarschuw dan uw arts. Als u dit medicijn gebruikt zal uw arts ook regelmatig uw bloedglucose controleren. De arts zal dit ook doen nadat u bent gestopt met dit medicijn.

    • Blozen

    • Duizelig zijn en flauwvallen.

      Om dit te voorkomen moet u liggen wanneer u een infuus of injectie in de spieren krijgt.  

    • Verlaagde bloeddruk. U kunt last hebben van duizelig zijn, licht gevoel in uw hoofd en flauwvallen.  

      Om dit te voorkomen moet u liggen wanneer u een infuus of injectie in de spieren krijgt.  

    • Misselijk zijn, braken en veranderde smaak.

    • Huiduitslag

    Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

    • Een hoger risico op hartritmestoornissen. U kunt last krijgen van plotselinge duizelingen of even buiten bewustzijn raken. Dit is vooral van belang voor ouderen en mensen met een bepaalde hartritmestoornis, namelijk het aangeboren of verworven verlengde QT-interval. Gebruik dit middel NIET als u deze hartritmestoornis heeft.

      Overleg met uw arts. Mogelijk kunt u een ander medicijn gebruiken. Indien u het medicijn toch moet gebruiken zal de arts u extra controleren.

    • Ontsteking van uw alvleesklier. Bij plotselinge hevige pijn in de bovenbuik moet u direct uw arts waarschuwen.

    • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U merkt dat aan huiduitslag, galbulten of jeuk. Raadpleeg dan uw arts.

      • In zeer zeldzame gevallen ontstaat een ernstige overgevoeligheid. Dit is te merken aan: koorts, ernstige benauwdheid, opgezwollen mond, tong, keel of gezicht, huiduitslag, ademhalingsproblemen, flauwvallen, blaren op de lippen en op de slijmvliezen van de mond en geslachtsdelen. Stop in deze gevallen met dit medicijn en waarschuw meteen een arts of ga naar de Eerstehulpdienst. 
      • Als u overgevoelig bent, mag u dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef dat door aan de apotheker. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn niet opnieuw krijgt.
    • Tintelingen van de armen en benen.

    • Verminderd gevoel van de mond of gezicht.

    • Verder kan na injectie in de spieren afbraak van het spierweefsel ontstaan. U kunt dan last krijgen van spierkramp, koorts en een roodbruine kleur van uw plas.

    Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

    Uitleg frequenties

    Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
    Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
    Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
    Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

  • Hoe?

    Vernevelvloeistof
    U moet dit medicijn inhaleren met een vernevelaar. Van de arts of verpleegkundige van het ziekenhuis krijgt u een uitgebreide instructie. Hieronder volgt een aantal aandachtspunten.

    • De vernevelaar kan gemakkelijk vervuilen met ziekteverwekkers. Het is daarom belangrijk hem dagelijks schoon te maken.
    • Vraag om een extra uitleg als u nog vragen heeft over hoe u het apparaat moet gebruiken of schoonmaken. Het gebruik van een vernevelapparaat is niet eenvoudig.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    U krijgt dit medicijn via een infuus of via een injectie in uw spieren. Dit medicijn wordt in het ziekenhuis gegeven door een gespecialiseerde verpleegkundige of arts.

    Wanneer?

    Vernevelvloeistof
    U inhaleert dit medicijn 1 keer per maand of 1 keer per 2 weken.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    Wanneer u dit medicijn toegediend krijgt, bepaalt uw arts. Het hangt af van uw ziekte. Vaak wordt het elke dag toegediend.

    Hoe lang?

    Vernevelvloeistof
    Hoe lang u dit medicijn moet gebruiken, bepaalt uw arts.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    U krijgt dit medicijn vaak 14 tot 21 dagen lang achter elkaar.

  • Vernevelvloeistof
    Bent u een dosis vergeten? Overleg met uw arts of apotheker of u de vergeten dosis alsnog moet inhaleren. Gebruik nooit een dubbele hoeveelheid om een vergeten dosis in te halen.

    Via een infuus of injectie in de spieren
    U krijgt een infuus of injectie in de spieren in het ziekenhuis toegediend. Waarschuw uw arts of verpleegkundige als u denkt dat zij vergeten zijn u een dosis te geven.

  • Autorijden, alcohol drinken en alles eten?
    Ja, dat kan. U mag autorijden, en u mag eten en drinken zoals u normaal doet.

  • Dit middel heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

    De belangrijkste wisselwerkingen met dit medicijn zijn de volgende.

    • Medicijnen met een verhoogd risico op hartritmestoornissen. Bij combinatie met pentamidine kan een ernstige hartritmestoornis ontstaan. Vooral bij vrouwen of bij mensen die ouder dan 70 jaar zijn of al een hartaandoening hebben. Overleg hierover met uw arts of apotheker. Mogelijk controleert de arts uw hart met een hartfilmpje. Of schrijft hij een ander medicijn voor. U merkt een hartritmestoornis aan plotselinge duizelingen of kortdurend buiten bewustzijn raken. Neem direct contact op met uw arts als u dit merkt.

    Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

  • Zwangerschap
    Over het gebruik van dit medicijn tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend. Meld het aan uw arts en apotheker zodra u zwanger bent, of binnenkort wilt worden. Zo mogelijk kunt u (tijdelijk) overstappen op een ander medicijn.

    Borstvoeding
    Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk voor de baby is. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander medicijn voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

  • Nieren
    Werken uw nieren minder goed? Overleg dan met uw apotheker. Het kan zijn dat de dosering van uw medicijn aangepast moet worden.

    Lever
    Het is niet bekend of mensen met levercirrose (ernstige leverziekte) dit medicijn veilig kunnen gebruiken. Overleg met uw arts als u levercirrose heeft.

  • Stop alleen als u de kuur heeft afgemaakt. Als u eerder stopt, bestaat de kans dat niet alle schimmels zijn verdwenen en dat de infectie blijft bestaan.

    Als u allergische reacties of ernstige bijwerkingen krijgt, moet u wel stoppen. Neem in dat geval direct contact op met uw arts.

  • Pentamidine is sinds 1939 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in een infuus, als injectie of als vernevelvloeistof onder de merknaam Pentacarinat.

  • Pentacarinat Pentacarinat
  • Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

Sluit de enquête